From 1 - 10 / 65
  • Hoogtebeperkingengebied Schiphol, zoals aangewezen in het LIB art 2.2.2, beperkingengebied externe veiligheid LIB art 2.2.1 lid 3 en beperkingengebied geluid LIB art 2.2.1 lid 4 2.2 Beperkingengebieden In het LIB zijn sinds de inwerkingtreding in 2003 al vier beperkingengebieden opgenomen. De ligging van deze vier beperkingengebieden wordt met dit wijzigingsbesluit niet gewijzigd. Met dit wijzigingsbesluit is hier wel een vijfde gebied aan toegevoegd: het zogenoemde 20Ke-gebied uit de Nota Ruimte. Dit is gedaan om de juridische doorwerking te continueren, zoals aangegeven in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). De regels zijn er op gericht om binnen dit vijfde gebied enerzijds voldoende ruimte te laten voor de ontwikkeling van de mainport Schiphol en anderzijds om (woningbouw)ontwikkelingen mogelijk te maken. Beide dienen het nationaal belang. Vanwege consistentie is de 20Ke-contour aangehouden als geografische afbakening van dit planologische «afwegingsgebied». De ligging van dit planologische afwegingsgebied komt overeen met het planologische gebied in de Nota Ruimte. Door de benaming roept de »20Ke» associaties op met de geluidcontouren waar deze van oorsprong op gebaseerd is. Daarom wordt in dit besluit dit gebied «planologisch afwegingsgebied» genoemd en niet geduid als een geluidcontour. De regels binnen de vijf beperkingengebieden worden toegelicht in hoofdstuk 4.

  • In de huidige versie van de Friese Archeologische Monumentenkaart Extra (FAMKE) zijn AMK-terreinen die een dorpskern betreffen, en waarvan de begrenzingen nog onzeker zijn, opgenomen als symbolen. De begrenzingen van de terreinen zullen in de komende tijd in de FAMKE worden opgenomen. Het is raadzaam om als een geplande ingreep of nieuw op te stellen bestemmingsplan dit symbool omvat of zich in de nabijheid ervan bevindt, de precieze begrenzing van een dergelijk terrein op te vragen bij de provinciaal archeoloog. De provincie adviseert overigens in geval van deze dorpskernen overeenkomstig de ‘gewone’ AMK-terreinen.

  • In het door Provinciale Staten op 7 juli 2004 vastgestelde Provinciaal Omgevingsplan Drenthe II, is de cultuurhistorische gaafheid (hoogste, middelste of laagste) gerelateerd aan de onderscheiden landschapstypen opgenomen, die in dit bestand worden weergegeven.

  • Beekdalen. Provinciaal Omgevingsplan Drenthe. POPII, kaart 2.

  • Vastgestelde voor verzuring gevoelige onderdelen van de ecologische hoofdstructuur en voor verzuring gevoelige gebieden in de nog niet begrensde ecologische verbindingszones, alsmede de zonering van 250 m. (de WAV-kaart/Wet Ammoniak en veehouderij)). Provinciaal Omgevingsplan Drenthe. POPII, kaart F.

  • Verzuringsgevoelige ecologische verbindingszones (voorkeurstrace en indicatief trace). Provinciaal Omgevingsplan Drenthe. POPII, kaart F.Een ecologische verbindingszone is een verbinding tussen natuurgebieden (met nieuwe of herstelde natuur). Ecologische verbindingszones worden aangelegd om het migreren van dieren en planten tussen natuurgebieden mogelijk te maken.

  • Dit bestand geeft de milieubeschermingsgebieden, gebieden met bescherming van de omgevingskwaliteit (BOK-gebieden) en de bruto EHS (Ecologische Hoofdstructuur) weer.Deze gebieden zijn gebaseerd op de popzoneringen 4, 5 en 6 inclusief ontwikkeling natuurwaarden en ontwikkeling natuurwaarden met waterwinning, zoals die door Provinciale Staten van Drenthe van 7 juli 2004 zijn vastgesteld in het Provinciaal Omgevingsplan Drenthe. POPII, kaart 5.

  • Voor het Nationaal beek- en esdorpenlandschap Drentsche Aa is een integrale kansenkaart uitgewerkt met als doel inzicht te geven in gewenste ontwikkelingen in het gebied en sturing te bieden aan het inzetten van menskracht en middelen om projecten uit te voeren als uitvoering van het Beheer-, Inrichtings Ontwikkelingsplan (juni 2002). Ten behoeve hiervan is gebruik gemaakt van sectorale kansenkaarten voor de functies natuur, landbouw, water en recreatie. Tevens zijn nadere gebiedsanalyses uitgevoerd. De integrale kansenkaart is een visie op de kansen en mogelijke ontwikkelingen in het gebied en op de zonering hiervan. Er is een verkenning uitgevoerd naar de verhouding met het provinciaal beleid en dat van het waterschap. Dit bestand geeft de ruimtewensen van de functies landbouw, natuur, water, recreatie en wonen met name de geschiktheid van met name de bodemgesteldheid, de waterhuishouding, de waardering van het landschap voor recreatie en de vitaliteit van de agrarische sector weer.

  • Dit bestand geeft de prioritaire gebieden voor ontwikkelingsgerichte benadering van het landschap weer, zoals vermeld in het door Provinciale Staten van Drenthe van 7 juli 2004 vastgestelde Provinciaal Omgevingsplan Drenthe II (kaart 3).

  • Economische kernzone, te weten: Eemshaven - Delfzijl, Groningen - Assen, Harlingen - Leeuwarden, Sneek - Heerenveen - Drachten, Zwolle - Meppel - Hoogeveen - Coevorden - Emmen. Provinciaal Omgevingsplan Drenthe. POPII, kaart A.