From 1 - 10 / 186
  • CORINE Land Cover 2012 database of the Netherlands. Land cover of the Netherlands in 2012 based on satellite imagery in combination with ancillary data with reference date around 2012. Land cover mapping according to the CLC class descriptions with minimum mapping unit 25ha. The CORINE Land Cover (CLC) initiative has a longstanding tradition of providing land cover and land use information over Europe at regular time intervals. Over the past few decades, it gradually became one of the flagship european geospatial datasets. For the 2012 release, the global Monitoring for Environment and Security Programme (GMES, now called Copernicus), established in partnership with the European Commission and the European Space Agency (ESA), provides a unique opportunity to extend the CLC products with a new series of High Resolution (HR) layers, adressing 5 land cover characteristics that will provide valuable complementary information to the CLC datasets (i.e. imperviousness, forest areas, permanent grassland, wetlands and water bodies). The European Environment Agency (EEA) is responsible for the coordination of the pan-European component of GMES Initial Operations (GIO) Land Monitoring 2011-2013 in the framework of regulation (EU) No 911/2010 – Pan-EU Component. As the EEA highly values the cooperation with EIONET members and cooperating countries they were invited to participate in the production of CLC products and verification and enhancement of the HR layers.

  • CORINE Land Cover change (2006-2012) database of the Netherlands. Monitoring of CLC land cover changes between 2006 and 2012 with a minimum mapping unit (MMU) of 5ha. The CORINE Land Cover (CLC) initiative has a longstanding tradition of providing land cover and land use information over Europe at regular time intervals. Over the past few decades, it gradually became one of the flagship european geospatial datasets. For the 2012 release, the global Monitoring for Environment and Security Programme (GMES, now called Copernicus), established in partnership with the European Commission and the European Space Agency (ESA), provides a unique opportunity to extend the CLC products with a new series of High Resolution (HR) layers, adressing 5 land cover characteristics that will provide valuable complementary information to the CLC datasets (i.e. imperviousness, forest areas, permanent grassland, wetlands and water bodies). The European Environment Agency (EEA) is responsible for the coordination of the pan-European component of GMES Initial Operations (GIO) Land Monitoring 2011-2013 in the framework of regulation (EU) No 911/2010 – Pan-EU Component. As the EEA highly values the cooperation with EIONET members and cooperating countries they were invited to participate in the production of CLC products and verification and enhancement of the HR layers.

  • CORINE Land Cover 2006 database of the Netherlands (revised). Land cover of the Netherlands in 2006 based on satellite imagery in combination with ancillary data with reference date around 2006. Land cover mapping according to the CLC class descriptions with minimum mapping unit 25ha. The CORINE Land Cover (CLC) initiative has a longstanding tradition of providing land cover and land use information over Europe at regular time intervals. Over the past few decades, it gradually became one of the flagship european geospatial datasets. For the 2012 release, the global Monitoring for Environment and Security Programme (GMES, now called Copernicus), established in partnership with the European Commission and the European Space Agency (ESA), provides a unique opportunity to extend the CLC products with a new series of High Resolution (HR) layers, adressing 5 land cover characteristics that will provide valuable complementary information to the CLC datasets (i.e. imperviousness, forest areas, permanent grassland, wetlands and water bodies). The European Environment Agency (EEA) is responsible for the coordination of the pan-European component of GMES Initial Operations (GIO) Land Monitoring 2011-2013 in the framework of regulation (EU) No 911/2010 – Pan-EU Component. As the EEA highly values the cooperation with EIONET members and cooperating countries they were invited to participate in the production of CLC products and verification and enhancement of the HR layers.

  • Wat ziet u? Deze kaart geeft aan in welke mate er tijdens het groeiseizoen vocht in de bodem via de plantenwortels beschikbaar is voor de plant. De vochtleverantie bepaalt in belangrijke mate de groei en de daaraan gerelateerde gewasopbrengst. Bij een hoog vochtleverend vermogen is in perioden met een neerslagtekort de kans op groeistagnatie gering en bij een gering vochtleverend vermogen is de kans op groeivertraging en daardoor een lagere opbrengst juist groot. Wat is de waarde? De kaart geeft gebieden aan waar tijdens het groeiseizoen vochttekorten kunnen optreden. Voor wie is dit belangrijk? Deze kaart geeft belangrijke informatie voor rijksoverheden (EZ, E&M), provincie, gemeenten en beheersorganisaties van erosiegevoelige gebieden.

  • De Planologische EHS (1-1-2014) zoals aangeleverd door de provincies als onderdeel van de NOK2014. In 2009 is er een Nulmeting Op Kaart gemaakt dat de voortgang van de verwerving dat de voortgang van de verwerving, functieverandering en inrichting van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en Recreatie om de Stad (RodS) per 1 januari 2007 beschrijft. Nulmeting op Kaart (NOK) gaat over de uitgangssituatie bij inwerkingtreding van het ILG. In 2010, 2011, 2012, 2013 en 2014 zijn er updates gemaakt van dit bestand: Natuurmeting Op Kaart. Dit bestand is de uitkomst van de Natuurmeting Op Kaart 2014. Dit bestand is de vereenvoudigde weergave van de data ten behoeve van de mapservices.

  • Wat ziet u? De kaart ""Bescherming tegen Watererosie"" geeft gebieden aan waar de bodem vanwege het reliëf en terreinhelling kan wegspoelen door afstromend regenwater en of begroeiing bescherming biedt tegen deze bodembedreiging. Wat is de waarde? De kaart geeft gebieden aan die kwetsbaar zijn voor winderosie. Deze gebieden vragen speciale aandacht in beheer om erosie te voorkomen. De kaart helpt bij het behoud van de toplaag van de bodem en daarmee de natuurlijke bodemvruchtbaarheid en bij het voorkomen van overlast in lager gelegen gebieden. Voor wie is dit belangrijk? Deze kaart geeft belangrijke informatie voor rijksoverheden (EZ, E&M), provincie, gemeenten en beheersorganisaties van erosiegevoelige gebieden.

  • Wat ziet u? De bodemvruchthaarheidskaart deelt de Nederlandse gronden in naar natuurlijke bodemvruchtbaarheid. Vruchtbare bodems hebben als gevolg van de ontstaanswijze en het moedermateriaal van nature gunstige chemische, biologische en fysische eigenschappen voor de productie van landbouwgewassen. Bij de minder vruchtbare bodems zijn deze eigenschappen niet optimaal, deze bodems zijn van oorsprong arm en hebben vaak een lage pH. Wat is de waarde? Op vruchtbare bodems is met minimale hulpmiddelen en minimale belasting voor het milieu een maximale opbrengst te behalen. Voor wie is dit belangrijk? Deze kaart geeft belangrijke informatie voor rijksoverheden (EZ, E&M), provincies, gemeenten en organisaties die gebiedsplannen maken.

  • Wat ziet u? Op de kaart ziet u het potentiele en actuele leefgebied van de boommarter (Martes martes)en daarbinnen de genetische structuur van de boommarter populatie in Nederland. De gentische informatie is verzameld op doodgevonden dieren en is gepresenteerd op uurhok niveau (vakken van 5 x 5 km) Waarde? Deze kaart geeft inzicht in de genetische structuur en beheer eenheden. Genetisch is de populatie vitaal maar is er wel sprake van enige substructuur tussen de belangrijkste voortplantingsgebieden. Voor wie is dit van belang? Beheerders / Provincies (beleid) / Waterschappen

  • Wat is er te zien? Op de kaart staat de potentiele hoeveelheid bermmaaisel (ton per jaar) langs wegen buiten de bebouwde kom in een gemeente. De hoeveelheid bermmaaisel is berekend op basis van gegevens uit de literatuur (Kempenaar et al. 2009) en informatie over wegbreedtes (topografische kaart 1:10.000). Wat is de waarde? De kaart geeft inzicht in de geografische spreiding van de potentieel beschikbare hoeveelheden bermmaaisel op gemeentelijk schaalniveau. Voor wie is dit belangrijk? Biomassa als maaisel wordt gebruikt voor oa. karton, bio-component, compost en energieopwekking. De kaartinformatie is van belang voor producenten en gebruikers van bermmaaisel zoals rijkswaterstaat, gemeenten, provincies, waterschappen, beherende organisaties en eigenaren van kleinschalige biovergisters, de energiesector en maaiselverwerkende industrie.

  • Wat ziet u: De kaart toont de ligging van gebieden met potentiele natuurlijke plaagbestrijding in landbouwgewassen met natuurlijke vijanden. De gebieden zijn weergegeven als zones rondom kleine landschapselementen, kleine natuurgebieden en stedelijke groenelementen. Natuurlijke vijanden (o.a. oorwormen, spinnen en mijten) gebruiken deze elementen en gebieden als leefgebied. In de directe omgeving van die elementen en gebieden zoeken ze naar voedsel en eten daarbij voor landbouwgewassen schadelijke insecten (o.a. luizen, emelten en rupsen). Deze zones zijn aan de hand van de landschappelijke ligging in drie klassen ingedeeld: agrarisch, natuur en stedelijk. Zo geeft de kaart inzicht in de bijdrage van de verschillende soorten elementen aan de natuurlijke plaagbestrijding. Doel: De kaart is opgesteld in kader van de ontwikkeling van een landelijke indicator voor natuurlijke plaagbestrijding. De indicator is bedoeld om te kwantificeren in hoeverre de ecosysteemdienst natuurlijke plaagbestrijding door natuurlijke vijanden voorziet in de huidige vraag naar bestuiving in Nederland. Bij herhaling van de methode voor een later tijdstip wordt het mogelijk om hierin een landelijke trend te bepalen. Met de kaart kan het potentiele aanbod van natuurlijke plaagbestrijding in Nederland en op regioschaal worden bepaald. Tevens kan de bijdrage van het aandeel dat landschapselementen in natuur, agrarisch en stedelijk gebied bijdragen aan het potentiele aanbod van natuurlijke plaagbestrijding worden bepaald. De kaart kan niet toegepast worden op preceels- of elementniveau. Daarvoor is aanvullende informatie en nadere analyse van de omstandigheden nodig. Belangrijk voor: De kaart is in eerste instantie bedoeld voor ondersteuning van het natuurbeleid.