From 1 - 10 / 52
  • Gebieden met een vergelijkbare hydrogeologische opbouw, weergegeven in een profiel per deelgebied. Het bestand geeft inzicht over de 'werking' van het grondwater-systeem.

  • De laaggelegen historische natte gebieden.

  • Gebieden waar oppervlaktewater tijdelijk geborgen kan worden.

  • Gebieden die in het verleden zijn overstroomd door oorlogshandelingen in 1940-1945.

  • Overstroomde gebieden bij overlaten, bij de westelijke overlaten Bokhovensche en de Baardwijkse overlaten en bij de overlaten voor het gebied van de Beersche Maas.

  • Inventarisaties van historische zichtrelaties. De Cultuurhistorische Waardenkaart is op 26 september 2006 definitief vastgesteld door GS van Noord-Brabant.

  • Stijghoogte in het watervoerend pakket 1. Bepaald aan de hand van stijghoogtegegevens van april 1995. Bron: REGIS (1998).

  • Diepteligging (in m+NAP) van het grensvlak waar het chloridegehalte van het grondwater 150 mg/l bedraagt. Bron: REGIS (1998). Kennis over de diepteligging van het zoet-zout grensvlak is noodzakelijk bij het installeren van putten voor drinkwater, agrarisch of industrieel gebruik. Dit geldt voor installaties waar het grond-water ook daadwerkelijk wordt gebruikt voor bijvoorbeeld vee-drinkwater, beregening, viskwekerijen etc. maar ook voor gesloten systemen zoals koude of warmteopslag.

  • Deze kaart geeft de gebieden weer waarbij de stijghoogte in het eerste watervoerend pakket hoger is dan de freatische voorjaars-grondwaterstand, waardoor er sprake is van een opwaartse grondwaterbeweging. Aangemaakt door NITG-TNO op basis van het Actueel Hoogtebestand Nederland (RWS-MD, 1999), Bodemkaart (Sc-dlo, 1963-1984), Stijghoogte in het eerste watervoerend pakket (REGIS, 1998).

  • Gebieden waarin een bepaald kweltype de overhand heeft afhankelijk van de opbouw van de ondergrond, herkomst van het kwelwater en de wijze van uittreden (in de sloot of aan maaiveld).